06 - 46 11 16 51
info@huninkecologie.nl

Vervolg onderzoek

Is er een quickscan bij u uitgevoerd en is daaruit gekomen dat er onvoldoende informatie aanwezig is om schadelijke effecten aan beschermde soorten uit te sluiten? Dan zult u een nader onderzoek moeten laten uitvoeren om de effecten van uw plannen op beschermde soorten te kunnen beoordelen.

Soms is een quickscan niet voldoende om aan te kunnen tonen of er beschermde soorten aanwezig zijn in een projectgebied. Dan dient er een vervolg onderzoek plaats te vinden, waarmee kan worden vastgesteld of er beschermde soorten aanwezig zijn. Tevens wordt de gebruiksfunctie van het projectgebied onderzocht. Met deze gegevens kunt u een verklaring van geen bedenkingen aanvragen of een ontheffing van de wet Natuurbescherming.  Hunink Ecologie heeft de expertise voor het uitvoeren van vervolgonderzoek naar alle soortgroepen in huis.

  • Broedvogels
  • Vleermuizen
  • Zoogdieren
  • Dagvlinders 
  • Libellen
  • Reptielen 
  • Amfibieën 
  • Vissen
  • Vaatplanten 

 

Uit het vervolgonderzoek zal naar voren komen welke soorten er van het plangebied gebruik maken en welke functie het plangebied heeft (nestplaats, voortplanting- of type vaste rust- of verblijfplaats). Het vervolgonderzoek is seizoensgebonden. Een tijdige start van de toetsing aan de wet Natuurbescherming bij de ruimtelijke ontwikkelingen is dus belangrijk.

Voor de verschillende onderzoeken zijn we afhankelijk van de geldende protocollen. Hierin staat vermeld hoe vaak we een gebied moeten bezoeken en op welke manier we onderzoek moeten doen, zodat we uiteindelijk de aan- of afwezigheid van soorten kunnen vaststellen. Er mag alleen afgeweken worden van protcollen indien dit gedegen beargumenteerd wordt. Bij het afwijken is de kans echter wel aanwezig dat dit niet geaccepteerd wordt door het bevoegde gezag. Wij adviseren daarom ook altijd om de protocollen te volgen.

Voor het onderzoek naar vleermuizen is er een vleermuisprotocol. Daarnaast is er een onderzoeksprotocol opgemaakt door het Netwerk Groene bureaus voor negentien soorten die vaak voorkomen bij onderzoeken in het kader van de natuurwetgeving. Dit zijn onder andere gierzwaluw, huismus, rugstreeppad en grote modderkruiper.

De inventarisatieprotocollen zijn een eerste versie die op basis van jaarlijkse evaluaties van het gebruik en gericht onderzoek verder ontwikkeld (moeten) worden. De huidige versie van de inventarisatieprotocollen zijn ontwikkeld met de voor dit moment best beschikbare en toepasbare kennis.

Hunink Ecologie volgt de onderzoeksprotocollen en zorgt er daarmee voor dat uw onderzoek deskundig en gedegen wordt uitgevoerd.
Voor veel andere beschermde soorten zijn er kennisdocumenten. Hierin staat niet alleen de manier van onderzoeken aangegeven, maar ook de mogelijke effecten en mitigerende maatregelen bij verschillende veelvoorkomende werkzaamheden. De verschillende kennisdocumenten vindt u onder de mitigerende maatregelen.